Neurolinguistiek

Na het behalen van mijn bachelor Taalwetenschap ben ik in september begonnen aan de master Neurolinguïstiek. Deze keuze was in mijn geval voor de hand liggend, omdat ik tijdens mijn bachelor gekozen heb voor de minor logopedie. De master Neurolinguïstiek wordt volledig in het Nederlands gegeven en sluit goed aan op de bachelor Taalwetenschap. Zo volg je in het eerste semester drie vakken: dyslexie, taalontwikkelingsstoornissen en afasiologie. Elk vak start met een introductie, bestaande uit onder andere nieuwe stof en recente onderzoeken die binnen het vakgebied zijn gedaan. Vervolgens ga je aan de slag met een eigen onderzoek, deels in groepsverband en deels individueel. Voor elk vak geldt dat het wordt afgerond met een presentatie en een paper. Vervolgens, in het tweede semester, loop je een klinische stage en schrijf je een scriptie.

Tot nu toe ben ik erg blij met mijn keuze voor deze master. Het programma sluit nauwkeurig aan bij de bachelor, en daarnaast komt er veel verdiepende stof bij. Alle vakken zijn 10EC, wat betekent dat je dus een heel semester lang de drie vakken volgt (en dus ook maar drie docenten hebt!). Het contact tussen de docenten en studenten is ook veel persoonlijker dan tijdens de bachelor. Het leuke van de master is ook dat er een stage bij in zit. Zelf loop ik nu stage in een revalidatiecentrum in Apeldoorn, waar ik mijn geleerde kennis van zowel de bachelor als de master in praktijk kan brengen. Ik analyseer hier onder andere spontane taal van afasiepatiënten en interpreteer testscores van bijvoorbeeld de PALPA en de CAT.

Wat ik in het begin wel wennen vond, was de groep. Vanuit Taalwetenschap was ik gewend dat ik iedereen uit mijn jaar wel kende, dat bleek bij de master wel anders te zijn. Bij deze master zitten veel logopedisten, die na hun HBO en een pre-master bij de master terecht zijn gekomen. Het voordeel hiervan is dat je veel van elkaar kan leren, zij hebben immers meer ervaring in de praktijk.

Het komende semester hoop ik mijn stage en scriptie succesvol af te ronden, zodat ik mij aan het eind van dit collegejaar klinisch linguïst kan noemen!

Bianca Brinkhuis